De vrouwen van FC Twente hebben hun Europese droom deze week flink op de proef gesteld zien worden. In eigen huis gingen ze met 0-4 onderuit tegen Atlético Madrid, waardoor de weg naar de knock-outronden van de UEFA Women’s Champions League vooralsnog weinig rooskleurig lijkt.
Al vroeg in de wedstrijd werd duidelijk dat Twente geen antwoord had op het fel en georganiseerd spel van Atlético. Binnen het halfuur opende Amaiur Sarriegi de score na een miscommunicatie in de Nederlandse defensie. Kort vóór de rust verdubbelde Júlia Bartel de marge, waarna na de thee Synne Jensen en Fiamma Iannuzzi de afstraffing compleet maakten.
Voor de ploeg van coach Corina Dekker betekent de nederlaag een harde confrontatie met de realiteit van Europees topvoetbal. Na vier groepsduels staat Twente op twee punten – behaald door gelijke spelen tegen zowel Chelsea als Benfica – en daarmee op de veertiende plek in een ranglijst waarbij enkel de eerste twaalf ploegen doorgaan. Met nog twee confrontaties voor de boeg tegen titelverdediger Arsenal en Real Madrid, is het vooruitzicht op handhaving in de groep onverminderd lastig.
In nationale optiek is de situatie pijnlijk: Twente domineert de Nederlandse Eredivisie Vrouwen, maar in Europa blijkt de kloof met de absolute top groot. Spits Jaimy Ravensbergen erkende dat het niveauverschil subliem is en dat fouten in dit soort toernooien “dodelijk” kunnen zijn – een inzicht dat tegelijkertijd de fysieke en tactische uitdaging onderstreept waarmee Twente te maken heeft.
Deze avond in De Grolsch Veste was bedoeld als kans om het tij te keren, maar eindigde als waarschuwing voor de beperkingen van de ploeg op dit niveau. De blauwen van Twente zullen zich snel moeten herpakken, anders wacht in december definitief de deur naar Europa. De komende wedstrijden zijn niet langer slechts wedstrijden: ze zijn bepalend voor de reputatie en toekomst van de club op het hoogste Europese podium.


